Naar inhoud gaan

Machten, machtswortels en omgekeerd evenredige getallen

Voer met onderstaande toetsen functies voor machten, machtswortels en omgekeerd evenredige getallen in.

Functies voor machten: (kwadraat), (nde macht)

Functies voor machtswortels: (vierkantswortel), () (nde wortel)

Functie voor omgekeerd evenredige getallen: ()


Voorbeeld 1: (52)3 = 15 625

  • 53

Voorbeeld 2: (1 + 1)2+2 = 16

  • 1122

Voorbeeld 3:2 × 3 = 4,242640687...

(Invoer/Uitvoer: Breuk in/Dec uit)

  • 23

(Invoer/Uitvoer: Regel in/uit)

  • 23

Voorbeeld 4: 532 = 2

(Invoer/Uitvoer: Breuk in/Dec uit)

  • () 532

(Invoer/Uitvoer: Regel in/uit)

  • 5() 32

Voorbeeld 5: 10-1 = 0,1

(Invoer/Uitvoer: Breuk in/Dec uit)

  • 10()

-toets (Macht van 10)

Gebruik de -toets om een macht van 10 te berekenen. Als u op drukt, wordt “” of “” ingevoerd in overeenstemming met de huidige instelling - [Rekeninstell] > [ Toets].

Wanneer “ (Wetensch.)” geselecteerd is voor [ Toets] (initiële standaardinstelling): Als u op drukt, wordt de functie ingevoerd. Deze functie neemt argumenten ervoor en erna met de vorm an (n is een geheel getal) en geeft het resultaat van 10n vermenigvuldigd met a.

Wanneer “ (Macht)” geselecteerd is voor [ Toets]: Op drukken geeft hetzelfde invoerresultaat als op drukken, dat “” invoert.


Berekenen4 × 1073 × 108


Wanneer “ (Wetensch.)” geselecteerd is voor [ Toets] (initiële standaardinstelling):


Voorbeeld 1: (Invoer/Uitvoer: Breuk in/uit)

  • 4738

Voorbeeld 2: (Invoer/Uitvoer: Regel in/uit)

  • 4738

Wanneer “ (Macht)” geselecteerd is voor [ Toets]:


Voorbeeld 3: (Invoer/Uitvoer: Breuk in/uit)

  • 4738*1

Voorbeeld 4: (Invoer/Uitvoer: Regel in/uit)

  • 4738*2

*1 Met deze instellingen ( Toets: (Macht), Invoer/Uitvoer: Breuk in/uit), zorgt bij het uitvoeren van 4 × 107 ÷ 3 × 108 ervoor dat de berekening opeenvolgend van links naar rechts wordt uitgevoerd, wat een ander berekeningsresultaat oplevert dan dat in het bovenstaande voorbeeld (met breuken). Om hetzelfde berekeningsresultaat te krijgen, moet elke term tussen haakjes staan: (4 × 107) ÷ (3 × 108).

*2 Met deze instellingen ( Toets: (Macht), Invoer/Uitvoer: Regel in/uit), zorgt bij het uitvoeren van 4×10^(7)3×10^(8) (of 4×10^(7) ÷ 3×10^(8)) ervoor dat de berekening opeenvolgend van links naar rechts wordt uitgevoerd, wat een andere berekeningsresultaat oplevert dan dat in voorbeeld 3. Om hetzelfde berekeningsresultaat te krijgen, moet elke term tussen haakjes staan, zoals in voorbeeld 4.


Opmerking

Als “ (Wetensch.)” geselecteerd is voor [ Toets], worden automatisch haakjes ingevoegd zoals in het onderstaande voorbeeld (hetzelfde geldt voor voorbeeld 1 en voorbeeld 2 hierboven).

  • 112

Merk echter op dat haakjes niet automatisch worden ingevoegd, als u het sexagesimale symbool () onmiddellijk na invoert.

  • 12()22()
    32()

 -vormberekeningsbereik

De toegestane weergavebereiken van het √ -vormberekeningsresultaat worden hieronder weergegeven.


± ab, ± d ± ab, ± abc ± def

1 ≤ a < 100, 1 < b < 1000, 1 ≤ c < 100
0 ≤ d < 100, 0 ≤ e < 1000, 1 ≤ f < 100


Voorbeeld:

(Invoer/Uitvoer: Breuk in/uit)

10√2 + 15 × 3√3 = 45√3 + 10√2 ... Weergegeven in √ -vorm

99√999 (= 297√111) = 3 129,089165 ... Weergegeven als een decimale waarde

Begin van pagina